De grutto (Limosa lapponica) is een watervogel. Het is een grote steltloper van de familie Scolopacidae. Hij broedt vooral op Arctische kusten en toendra's in de Oude Wereld, en overwintert op kusten in gematigde en tropische gebieden van de Oude Wereld.
Zijn trek is de langst bekende non-stop vlucht van alle vogels en ook de langste reis zonder voedselpauze van alle dieren.
Naamgebruik — kort opheldering: in het Nederlands wordt de naam "grutto" meestal gebruikt voor Limosa limosa (de zwarte of Europese grutto). De soort Limosa lapponica wordt in veel bronnen aangeduid als de bonte grutto of de Engelse naam "bar‑tailed godwit". In deze tekst wordt Limosa lapponica behandeld (de soort die langdurige non‑stoptrekken maakt).
Beschrijving
Limosa lapponica is een grote steltloper met een lange, recht gebogen snavel en relatief korte poten vergeleken met sommige andere wadvogels. De vogel heeft een slank, langgerekt silhouet in vlucht. De zomerkleedkleur verschilt per ondersoort en geslacht: volwassen vogels in broedkleed tonen vaak warme koper‑ tot roodbruine tinten op borst en flanken, terwijl in winterkleed de kleuren veel bleker en grijziger zijn.
Grootte en gewicht
De lengte van de soort ligt ruwweg rond de 37–41 cm met een spanwijdte van ongeveer 70–80 cm, afhankelijk van ondersoort en individu. Het gewicht varieert sterk door het jaar; voorafgaand aan lange trektochten kunnen vogels grote vetreserves aanleggen die het lichaamsgewicht duidelijk verhogen.
Voedsel en leefgebied
Bartrouwen foerageren voornamelijk op wadplaten, modderbanken, estuaria en ondiepe kustwateren. Het voedsel bestaat uit bodemdiertjes zoals wormen, weekdieren, kleine kreeftachtigen en insecten. Met hun gevoelige snavel voelen ze prooien in de modder of scheppen ze de bodem open om voedsel te pakken.
Broeden en voortplanting
De soort broedt in de toendra en op arctische kusten. Nestelplaatsen liggen vaak op kale, open stukken grond of mosvelden. Het legsel bestaat meestal uit een paar eieren (meestal 3–4). De jongen zijn bij uitkomst relatief snel mobiel (precocial) en verlaten kort na uitkomen het nest om zelfstandig voedsel te zoeken, onder toezicht van de ouders.
Trekgedrag en recordvlucht
De grootste bijzonderheid van Limosa lapponica zijn de extreem lange migraties die sommige populaties afleggen. Individuen van bepaalde ondersoorten leggen non‑stop vluchten van meer dan 11.000 km van hun broedgebieden in het hoge noorden (bijvoorbeeld Alaska of Noord‑Siberië) naar overwinteringsgebieden in Zuidoost‑Azië of Nieuw‑Zeeland. Met satelliet‑ en geo‑loggeronderzoek zijn zulke uitzonderlijke non‑stop vluchten gedocumenteerd, waardoor deze soort de langste bekende non‑stoptrek van alle vogels heeft.
Om zulke afstanden te overbruggen bouwen de vogels flinke vetreserves op, kunnen sommige inwendige organen tijdelijk verkleinen om gewicht te besparen, en gebruiken ze gunstige windcondities. Vooral ondersoorten die enorme oceaangetijden overbruggen zijn hiervoor aangepast.
Verspreiding en ondersoorten
De soort kent meerdere ondersoorten die verspreid zijn over Europa, Azië en delen van Noord‑Amerika. Verspreidingspatronen en overwinteringsgebieden verschillen per ondersoort; sommige blijven binnen de Oude Wereld, andere trekken over de Stille Oceaan.
Bedreigingen en bescherming
Hoewel sommige populaties stabiel zijn, hebben andere te maken met afname door verlies en achteruitgang van foerageer‑ en rustgebieden (zoals door inpoldering en infrastructuur), vervuiling, klimaatverandering en jacht in delen van het overwinteringsgebied. Beschermingsmaatregelen richten zich op het behouden en herstellen van intergetijdengebieden, het beschermen van belangrijke tussenstops en overwinteringsplaatsen, en internationale samenwerking omdat het om een trekvogel met uitgestrekte grenzen gaat.
Onderzoek en monitoring
Moderne technieken zoals satelliettracking en licht‑loggers hebben veel inzicht gegeven in routes, rustplaatsen en de spectaculaire non‑stopvluchten van Limosa lapponica. Dit onderzoek helpt bij het identificeren van cruciale locaties voor bescherming en bij het begrijpen van de fysiologie achter langeafstandstrek.
Samengevat is Limosa lapponica een opvallende steltloper, zowel door zijn uiterlijk als door zijn uitzonderlijke vermogen tot lange non‑stopvluchten. Het behoud van zijn leefgebieden langs kusten en op stopplaatsen is essentieel om deze indrukwekkende vogel in de toekomst te kunnen blijven zien.


