In de Middeleeuwen geloofde men in Europa dat Incubi (een Incubus, meerdere Incubi) mannelijke demonen waren. Er waren ook vrouwelijke demonen, succubi genaamd. Zij lagen op slapende mensen, om geslachtsgemeenschap met hen te hebben. Ze deden dit ook om andere incubi te maken. Terwijl ze seks hadden met hun slachtoffer, trokken ze zijn energie af om zichzelf in stand te houden. Soms kan seks met een incubus leiden tot een kind, zoals in de legende van Merlijn. Sommige bronnen zeggen dat de incubus kan worden herkend aan zijn onnatuurlijk koude penis. Volgens de religieuze traditie kan herhaalde gemeenschap met een dergelijke geest, zowel door mannen als door vrouwen, leiden tot een slechte gezondheid of zelfs de dood.

Wat hield dat geloof precies in?

Mensen dachten dat een Incubus ’s nachts bij iemand op bed kwam liggen of zich aan het lichaam vertoonde. Deze ontmoetingen werden vaak beschreven als fysiek en seksueel: de demon zou gemeenschap zoeken, zaad of levenskracht onttrekken en soms nakomelingen verwekken. Bij vrouwen was het verhaal dat een incubus hen kon bevruchten; bij mannen schreef men soms toe dat een succubus eerst het zaad van de man zou verzamelen en dat een andere demon dit zaad gebruikte om kinderen te verwekken. Zulke verhalen stonden los van biologische kennis en waren deels bedoeld om onverklaarbare zwangerschappen, nachtmerries of ziekten te duiden.

Oorsprong en naam

Het woord incubus komt uit het Latijn (incubare = ‘erop liggen’). Ideeën over nachtdemonen en nachtelijke aanvallen bestaan in veel culturen: in Noord-Europees volksgeloof is bijvoorbeeld het wezen dat nachtelijke benauwdheid veroorzaakt verwant aan de zogenaamde mare, waar het Engelse woord “nightmare” (nachtmerrie) mogelijk op teruggaat. In de christelijke Middeleeuwen werden deze folkloristische beelden verweven met theologische opvattingen over demonen en zonde.

Religieuze en juridische reacties

Kerkgenezingen en geleerden in de Middeleeuwen en vroegmoderne tijd bespraken hoe om te gaan met dergelijke verschijnselen. Sommige theologen en inquisiteurs zagen seksuele relaties met demonische wezens als reële gevaren voor de ziel en de gezondheid; dit thema komt ook voor in verhandelingen over hekserij en demonologie, zoals in werken uit die tijd. Remedies varieerden van gebed en biecht tot exorcisme, en populaire middelen waren amuletten, relikwieën of specifieke rituelen om bescherming te zoeken.

Symptomen en verklaringen

Wat men destijds als bewijs zag — plotselinge nachtmerries, gevoel van gewicht op de borst, verlamming bij wakker worden, seksuele dromen of onverklaarbare vermoeidheid en ziekte — kan tegenwoordig vaak anders worden verklaard. Moderne verklaringen wijzen vooral op slaapverlamming (een toestand waarin iemand bij het in slaap vallen of juist ontwaakt tijdelijk niet kan bewegen), nachtelijke paniekaanvallen, hallucinerende hypnagogische ervaringen en seksuele dromen. Psychologische factoren, stress, slaapproblemen en cultuurgebonden overtuigingen spelen allemaal een rol in hoe iemand zo’n ervaring interpreteert.

Culturele invloed en voorbeelden

De figuur van de incubus en de succubus komt veel voor in literatuur, kunst en sages. Zoals genoemd is er de legende van Merlijn, waarin zijn afkomst deels aan demonische ontmoetingen wordt toegeschreven. In middeleeuwse kronieken en latere populaire verhalen dienden deze motieven om het onverklaarbare te dramatiseren en moraalthema’s te illustreren. Ook stonden dergelijke verhalen ten grondslag aan angst voor “smaad” en soms tot beschuldigingen tijdens heksenprocessen.

Bescherming en remedies toen en nu

  • Middeleeuwse middelen: gebed, heilige teksten, relieken, exorcisme en specifieke rituelen of talismans.
  • Folkloristische middelen: zout, kruistekens, of het gebruik van beschermende amuletten en kruiden.
  • Moderne benadering: medische en psychologische hulp bij terugkerende nachtmerries, slaapverlamming of seksuele trauma’s; uitleg en geruststelling kunnen de angst en frequentie van de ervaringen sterk verminderen.

Samenvattend

Het geloof in Incubi weerspiegelt hoe mensen in de Middeleeuwen geprobeerd hebben onverklaarbare, vaak beangstigende nachtelijke ervaringen te begrijpen binnen een religieuze en culturele context. Tegenwoordig bieden slaaponderzoek, psychologie en geneeskunde plausibele natuurlijke verklaringen voor veel van die ervaringen, terwijl de beelden van demonen en nachtelijke aanvallen nog steeds voortleven in mythes en populaire cultuur.