Er is sprake van doodgeboorte wanneer een foetus (ongeboren baby) sterft terwijl deze nog in de moeder zit of sterft tijdens de bevalling. Men spreekt dan van een doodgeboren baby. Doodgeboorte verschilt van een miskraam omdat een doodgeboorte plaatsvindt nadat de baby 20 tot 24 weken in de moeder heeft geleefd (afhankelijk van het land). Het wordt een miskraam genoemd als de baby minder lang in de moeder heeft geleefd.