Een toontaal, of tonale taal, is een taal waarin woorden kunnen verschillen in tonen (zoals toonhoogtes in muziek) naast medeklinkers en klinkers.
Veel Aziatische talen zijn toneeltalen, zoals Chinees, Vietnamees, Thais en Punjabi. De meeste talen, waaronder Indo-Europese talen zoals Engels, zijn geen toneeltalen, maar Punjabi is een uitzondering. Bovendien gebruiken veel Afrikaanse talen zoals Yorùbá, Igbo, Luganda, Ewe en Zulu ook toon.
In sommige talen is het pikkedonker belangrijk. De betekenis van een woord kan dan veranderen als een andere lettergreep wordt benadrukt. Voorbeelden hiervan zijn Oudgrieks, Hebreeuws, Zweeds, Noors, Servokroatisch, Litouws en sommige Aziatische talen zoals Japans. Het toonhoogteaccent is echter anders dan de tonen.
Sommige tonen kunnen hetzelfde klinken voor mensen die geen toontaal spreken. Ze zijn het moeilijkste onderdeel van het leren van een toontaal voor die mensen.