Zware mortieren (incl. loopgravenmortieren): definitie en geschiedenis
Zware mortieren & loopgravenmortieren: definitie, ontwikkeling en rol sinds de Eerste Wereldoorlog — geschiedenis, techniek en tactiek van zwaar kaliber mortieren.
Zware mortieren zijn mortieren van groot kaliber die een zware granaat afvuren onder een grote hoek. Deze wapens hebben een kort bereik, maar zijn gewoonlijk minder complex dan veldgeschut van vergelijkbare grootte.
Deze categorie omvat de "Trench Mortars" uit de Eerste Wereldoorlog. Deze waren allemaal zwaar en moeilijk te verplaatsen.
Kenmerken
Zware mortieren onderscheiden zich door enkele vaste eigenschappen:
- Groot kaliber: moderne zware mortieren hebben vaak kalibers rond 120 mm, maar historisch bestonden er exemplaren met veel grotere kalibers (tot enkele honderden millimeters).
- Hoge hoek van vuur: ze vuren projectielen in een steile boog, waardoor men achter terrein- of schootsbedekkingen kan inslaan.
- Korte tot middellange actieradius: door de lage mondingssnelheid is het bereik beperkt vergeleken met kanonnen en houwitsers.
- Eenvoudige constructie: relatief simpel van ontwerp en daardoor vaak robuust en betrouwbaar.
- Bemand en statisch inzetbaar: zware mortieren worden meestal door een bemanning opgesteld op een platform of voetplaat en zijn minder mobiel dan lichtere mortieren.
Tactische rol en inzet
In de gevechtspraktijk vullen zware mortieren een specifieke rol:
- Indirect vuursteun voor infanterie: ze treffen vijandelijke stellingen, loopgraven, bunkers en concentraties van troepen.
- Straffer en breder effect: de grotere granaten hebben meer explosief gewicht en een groter schok- en schervenbereik dan lichtere mortiermunitie.
- Gebruik in gesloten terrein: door de steile baan zijn zij geschikt voor gevechten in bebost of heuvelachtig terrein en in stedelijke gevechten.
- Statische verdediging: in veldversterkingen en loopgraven werden zware mortieren vaak opgesteld als vaste steunpunten.
Geschiedenis (overzicht)
Mortieren bestaan al eeuwen, maar hun rol en ontwerp veranderden sterk met de moderne oorlogvoering:
- Vroege vormen: eenvoudige mortiertypen werden al in de vroegmoderne tijd gebruikt om zware projectielen over muren te gooien.
- Eerste Wereldoorlog: de term loopgravenmortieren kreeg grote bekendheid. De loopgravenhaarden en statische loopgravenoorlog maakten zware, korte bereikmortieren bijzonder nuttig voor het bestoken van vijandelijke loopgraven en verdedigingswerken.
- Tussen- en Tweede Wereldoorlog: ontwerpverbeteringen maakten mortieren betrouwbaarder en iets mobieler, maar zware exemplaren bleven in hoofdzaak bemand en plaatsgebonden.
- Moderne tijd: veel legers gebruiken gestandaardiseerde zware mortieren (bijvoorbeeld 120 mm) die geschikt zijn voor zowel infanterie-ondersteuning als gezamenlijke vuursteun; daarnaast zijn er gemotoriseerde en vehicle-mounted versies ontstaan om mobiliteit te vergroten.
Munitie en technische ontwikkelingen
De mortiermunitie kan variëren naar functie en technologie:
- Explosieve granaten (HE) voor anti-personeel en verwoestend effect.
- Rook- en verlichtingsmunitie voor obscuratie en nachtoperaties.
- Speciale munitie: brand-, oefen- en oefenversies, en in recente jaren ook precisiegeleide sterkte- en afstandswerkende mortiergranaten.
- Verbeteringen: moderne vuurleidingssystemen, betere propellantladingen en precisiegeleiding vergroten bereik en nauwkeurigheid.
Voordelen en beperkingen
- Voordelen: groot effect per schot, geschikt voor indirect vuur, relatief eenvoudig te bedienen en te produceren.
- Beperkingen: beperkte mobiliteit van zware varianten, logistieke last door zware munitie, en doorgaans een lagere vuursnelheid dan lichte mortieren.
Slotopmerkingen
Zware mortieren blijven een belangrijk wapen voor infanterie- en gecombineerde operaties wanneer grote explosieve kracht onder een steile hoek nodig is. Historisch waren ze kenmerkend voor loopgravenoorlogvoering, maar ook in moderne conflicten spelen ze vanwege hun combinatie van effectiviteit en relatieve eenvoud nog altijd een rol.
Muzzle-loading
| Kaliber (mm) | Naam van het wapen | Land van herkomst | Ontwerp |
| 50.8 | 2 inch middelgrote mortier "Toffee Apple" | ||
| 90 | 20 cm leLdgW | Wereldoorlog II | |
| 105 | 10,5 cm Luftminenwerfer M15 | Wereldoorlog I | |
| 105 | 10 cm Nebelwerfer 35 | Wereldoorlog II | |
| 140 | 14 cm Minenwerfer M 15 | Wereldoorlog I | |
| 148 | Coehoorn mortier M. 1841 | 1841 | |
| 152 | Newton 6 inch mortier | Wereldoorlog I | |
| 160 | 160mm IMI Mortier | Koude Oorlog | |
| 160 | Soltam M-66 | ||
| 160 | Patria Vammas M58 | ||
| 169 | 38 cm sLdgW | Wereldoorlog II | |
| 170 | 17 cm mittlerer Minenwerfer |
| Wereldoorlog I |
| 203 | 8-inch belegeringsmortier M.1841 | 1841 | |
| 203 | Livens Projector | Wereldoorlog I | |
| 225 | 22,5 cm Minenwerfer M 15 | Wereldoorlog I | |
| 240 | Dumezil-Batignolles Mortier de 240 mm | Wereldoorlog I | |
| 240 | 9.45 inch zwaar mortier "Vliegend Varken". | Wereldoorlog I | |
| 250 | 25 cm schwere Minenwerfer |
| Wereldoorlog I |
| 254 | 10-inch belegeringsmortel M. 1841 | 1841 | |
| 254 | 10-inch zeekustmortel M. 1841 | 1841 | |
| 260 | 26 cm Minenwerfer M 17 | Wereldoorlog I | |
| 320 | Type 98 320 mm mortier | Wereldoorlog II | |
| 325 | 1781 | ||
| 330 | 13-inch zeekustmortier M. 1861 | 1861 | |
| 914 | Kleine David | Wereldoorlog II | |
| 914 | Mallet's Mortier | 1857 |
Schietlading
| Kaliber (mm) | Naam van het wapen | Land van herkomst | Periode |
| 105 | 10 cm Nebelwerfer 40 | Wereldoorlog II | |
| 120 | 12 cm Luftminenwerfer M16 | Wereldoorlog I | |
| 150 | 15 cm Luftminenwerfer M 15 M. E. | Wereldoorlog I | |
| 160 | 160mm Mortier M1943 | Wereldoorlog II | |
| 200 | 20 cm Luftminenwerfer M 16 | Wereldoorlog I | |
| 210 | 21 cm GrW 69 | Wereldoorlog II | |
| 240 | M240 getrokken mortier | Koude Oorlog | |
| 280 | Mortier de 280 Schneider | Wereldoorlog I | |
| 280 | Blind Varken LOLZ Mortier | Wereldoorlog I | |
| 325 | 12-inch kustverdedigingsmortier M1886, M1890 en M1908. | WWI, WWII | |
| 420 | 2B1 Oka | Koude Oorlog |
Verwante pagina's
Zoek in de encyclopedie