Apatosaurus is een sauropode dinosaurus die leefde in het Opper-Jura. Hij behoort tot dezelfde familie als Diplodocus. Men dacht ooit dat Brontosaurus een latere naam was voor Apatosaurus, maar nu is bewezen dat het een apart geslacht is.
Apatosaurus werd maar liefst 21 meter lang, ongeveer 4,5 meter hoog op de heup, en woog tot 23 ton. Hij at planten. Zijn botten zijn gevonden in Wyoming, Colorado, Oklahoma, en Utah.
Toen hij voor het eerst werd gevonden, dachten wetenschappers dat Apatosaurus gedeeltelijk onder water leefde, omdat hij op het droge zijn eigen gewicht niet kon houden. Nu denken ze dat hij op het droge leefde, waarschijnlijk in kuddes.
De halswervels waren minder langgerekt en steviger dan die van Diplodocus. De beenderen van het been waren veel gedrongener (ondanks dat ze langer waren), wat wijst op een robuuster dier. De staart werd tijdens de normale voortbeweging boven de grond gehouden. Zoals de meeste sauropoden had Apatosaurus slechts één grote klauw aan elke voorpoot, terwijl de eerste drie tenen van de achterpoot klauwen bezaten.
Ontdekking en naamgeving
Apatosaurus werd voor het eerst benoemd door Othniel C. Marsh in 1877 op basis van fossiele wervels en botten uit Noord-Amerika. Kort daarna beschreef Marsh ook fossielen die hij Brontosaurus noemde; lange tijd werd Brontosaurus beschouwd als een synoniem van Apatosaurus. Een uitgebreide heranalyse van diplodociden uit 2015 concludeerde dat sommige specimens die vroeger tot Apatosaurus werden gerekend, voldoende verschillen vertonen om weer als het aparte geslacht Brontosaurus te worden behandeld.
Beschrijving en bouw
Robuust bouwtype: vergeleken met andere diplodociden had Apatosaurus een zwaardere, compacter gebouwde romp en kortere, robuustere halswervels. De wervels zijn zwaar en vaak voorzien van sterke uitsteeksels om de grote spieren te dragen die nodig waren om nek en staart te bewegen. De voorpoten droegen één grote, sikkelvormige klauw; de achterpoten hadden meerdere kleine klauwen.
Nek en staart: de nek was minder lang en meer gedrongen dan bij bijvoorbeeld Diplodocus, wat suggereert dat Apatosaurus mogelijk op verschillende hoogtes voer — zowel laag als tot middenhoogte. De staart was slank en kon bij sommige diplodociden als een zweep worden gebruikt; bij Apatosaurus was de staart tijdens beweging duidelijk van de grond opgeheven.
Leefwijze en gedrag
Voeding: Apatosaurus was een herbivoor. Met zijn lange nek kon hij grote hoeveelheden plantmateriaal bereiken zonder veel te verplaatsen. Zijn tanden waren afgestemd op het afschrapen en afscheuren van vegetatie, niet op malen; waarschijnlijk slikte hij planten in combinatie met kleine maagstenen (gastrolithen) om de voedselvertering te ondersteunen.
Groepsgedrag en voortplanting: zoals veel sauropoden leefde Apatosaurus vermoedelijk in groepen of kuddes, wat bescherming bood tegen roofdieren. Over de voortplanting is weinig rechtstreeks bewijs voor dit geslacht, maar sauropoden legden eieren en groeiden snel: botonderzoek wijst op hoge groeisnelheden om binnen decennia volwassen maten te bereiken.
Paleo-omgeving en ecologie
Apatosaurus leefde in de periode van de Morrison Formation (Opper-Jura), die gekenmerkt wordt door afwisselende overstromingsvlaktes, rivieren en drogere periodes — een landschap met veel groene plantengroei langs waterlopen. In hetzelfde ecosysteem kwamen roofdieren voor zoals Allosaurus en andere grote ornithischiërs en sauropoden zoals Diplodocus, waardoor een gevarieerde fauna ontstond.
Fossiele vondsten en tentoonstellingen
Belangrijke fossiele exemplaren van Apatosaurus zijn opgegraven in de westelijke Verenigde Staten (onder andere in Wyoming, Colorado, Oklahoma en Utah). Vroege museummontages waren soms gebaseerd op onvolledige skeletten en bevatten lange tijd onjuiste schedels; later vond men beter passende schedelvormen van verwante diplodociden en werden opstellingen gecorrigeerd.
Belangrijke kenmerken samengevat
- Lengte: tot circa 21 meter.
- Hoogte op de heup: circa 4,5 meter.
- Geschat gewicht: tot ongeveer 23 ton (schattingen variëren per methode en specimen).
- Voedsel: herbivoor, waarschijnlijk laag- tot midden-bosserend.
- Skeletkenmerken: robuuste wervels en ledematen, één grote klauw aan elke voorpoot.
Er zijn ten minste twee soorten Apatosaurussen:
- Apatosaurus ajax — de typussoort benoemd door Marsh (1877), bekend van fragmentarische maar karakteristieke materialensets.
- Apatosaurus louisae — een later benoemde en beter bekende soort met relatief complete skeletten, die belangrijke informatie gaf over de bouw van het dier.
Daarnaast werd het beroemde specimen dat vroeger als Apatosaurus excelsus werd gezien, decennialang onder de naam Brontosaurus bekend en staat het model voor de historische verwarring tussen de twee geslachten. Recente taxonomische studies hebben sommige van die oude toewijzingen herzien, waardoor de precieze soort- en geslachtsgrenzen binnen deze groep nog onderwerp van onderzoek blijven.


