Zicht is voor de meeste hagedissen erg belangrijk, zowel voor het lokaliseren van prooien als voor de communicatie. Veel hagedissen hebben een zeer scherp kleurenzicht. De meeste hagedissen vertrouwen sterk op lichaamstaal, waarbij ze specifieke houdingen, gebaren en bewegingen gebruiken om territorium af te bakenen, geschillen op te lossen, en partners te lokken. Sommige soorten hagedissen gebruiken ook felle kleuren, zoals de iriserende vlekken op de buik van de Sceloporus. Deze kleuren zijn zeer zichtbaar voor roofdieren en worden daarom vaak aan de onderzijde of tussen de schubben verborgen en alleen onthuld indien nodig.
De keelhuid is een felgekleurde huidflap op de keel, gewoonlijk verborgen tussen de schubben. Wanneer een vertoning nodig is, zetten de hagedissen het tongbeen van hun keel op, wat resulteert in een grote verticale flap van felgekleurde huid onder de kop, die dan kan worden gebruikt voor communicatie.