Roper v. Simmons, 543 U.S. 551 (2005), was een belangrijke beslissing van het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten. Het Hof oordeelde dat het ongrondwettelijk is om iemand te executeren voor misdaden die hij of zij voor de leeftijd van 18 jaar heeft begaan. Deze beslissing had gevolgen voor 25 staten in het land, die nog steeds executies van kinderen onder de 18 jaar toestonden. Ook werd de eerdere uitspraak van het Hof in de zaak Stanford v. Kentucky, 492 U.S. 361 (1989), waarin werd bepaald dat executies van kinderen van 16-18 jaar soms legaal waren, teruggedraaid.