Het Achtste Amendement (Amendement VIII) op de Grondwet van de Verenigde Staten, dat op 15 december 1791 werd geratificeerd, is een onderdeel van de Bill of Rights van de Verenigde Staten. Dit amendement bestaat uit drie delen die elk specifieke rechten toekennen. De buitensporige borgtochtclausule beperkt de buitensporige borgtocht voor eenieder die voor een misdrijf is gearresteerd, maar nog niet voor de rechter is gebracht. De clausule inzake buitensporige boetes is bedoeld om boetes te beperken die door staats- en federale overheden worden opgelegd aan personen die voor een misdrijf zijn veroordeeld. Het meest controversiële en belangrijkste onderdeel is de clausule inzake wrede en ongebruikelijke straffen. Het Achtste Amendement is van toepassing op strafrechtelijke straffen en niet op de meeste civiele procedures.