Calcium is een chemisch element. Het symbool op het periodiek systeem (een lijst van alle elementen) is Ca. Het atoomnummer is 20. (Het atoomnummer zegt waar calcium staat in het periodiek systeem.) Het heeft 20 protonen en 20 elektronen (als het een atoom is, zie ion). De meest voorkomende isotopen zijn Ca-40 en Ca-44. Het massagetal is ongeveer 40,08. Calcium is zeer belangrijk in het menselijk lichaam, voor het maken van botten en voor andere doeleinden.
Algemene eigenschappen
Calcium is een zilverwit, zilverachtig-achtig alkalimetaal uit de tweede hoofdgroep van het periodiek systeem. Het reageert makkelijk met water en zuurstof, en vormt veel verschillende verbindingen die in de natuur en industriële toepassingen voorkomen. Veel voorkomende calciumverbindingen zijn bijvoorbeeld calciumcarbonaat (CaCO3), calciumoxide (CaO), calciumhydroxide (Ca(OH)2) en calciumsulfaat (CaSO4).
Biologische functies en belang voor de gezondheid
Calcium is essentieel voor het lichaam. Ongeveer 99% van het lichaamscalcium bevindt zich in botten en tanden, waar het zorgt voor stevigheid en structuur (als onderdeel van hydroxyapatiet, Ca5(PO4)3OH). Het overige calcium circuleert in het bloed en weefsels en speelt daar meerdere vitale rollen:
- Botopbouw en behoud: calcium is een bouwsteen van botweefsel en essentieel voor groei en herstel van botten.
- Spierfunctie: calciumionen (Ca2+) zijn nodig voor spiercontractie, inclusief de hartspier.
- Zenuwgeleiding: calcium speelt een rol bij de overdracht van zenuwsignalen en bij de afgifte van neurotransmitters.
- Bloedstolling: verschillende stollingsfactoren hebben calcium nodig om goed te werken.
- Cellulaire processen: calcium fungeert als signaalmolecuul in veel cellulaire reacties en enzymatische processen.
Voedingsbronnen
Veel voedingsmiddelen leveren calcium. Belangrijke bronnen zijn:
- Zuivelproducten: melk, yoghurt, kaas (hoogste biologische beschikbaarheid).
- Dondergroene bladgroenten: boerenkool, broccoli, paksoi (let op: spinazie bevat veel calcium maar ook oxalaten die opname verminderen).
- Vis met zachte eetbare graatjes: sardines, ansjovis.
- Noten en zaden: amandelen, sesamzaad (en tahin).
- Versterkte producten: sommige plantaardige melksoorten en ontbijtgranen.
Opname en regulatie
De opname van calcium uit de darm wordt beïnvloed door meerdere factoren:
- Vitamine D stimuleert de opname van calcium en is daarom essentieel voor calciumhomeostase.
- Oxalaten (in spinazie) en fytaten (in sommige volle granen en peulvruchten) verminderen de opname.
- Hoge innames van natrium en eiwit kunnen de uitscheiding van calcium via de nieren verhogen.
- Het lichaam reguleert de calciumconcentratie in bloed en weefsels via hormonen zoals parathyroïdhormoon (PTH), calcitriol (actieve vorm van vitamine D) en calcitonine.
Aanbevolen hoeveelheden en bovengrenzen
De aanbevolen dagelijkse hoeveelheden kunnen per leeftijd en land verschillen. Globaal gelden ongeveer de volgende richtlijnen:
- Kinderen en adolescenten: verhoogde behoefte vanwege groei (ongeveer 800–1300 mg/dag afhankelijk van leeftijd).
- Volwassenen (19–50 jaar): ongeveer 1000 mg/dag.
- Oudere volwassenen (vrouwen ≥51 jaar, mannen ≥70 jaar): ongeveer 1200 mg/dag ter ondersteuning van botgezondheidsbehoud.
De veilige bovengrens (tolerable upper intake) ligt doorgaans rond de 2000–2500 mg per dag voor volwassenen; langdurig veel hogere innames kunnen schadelijk zijn. Raadpleeg bij twijfel een arts of diëtist.
Tekort en overschot
- Calciumtekort (hypocalciëmie) kan zich uiten als spierkrampen, tintelingen in vingers en rond de mond, verstoorde hartfunctie en bij lange duur als verminderde botdichtheid en osteoporose.
- Te veel calcium (hypercalciëmie) kan leiden tot misselijkheid, braken, constipatie, vermoeidheid, nierstenen en bij zeer hoge waarden hart- en hartritmestoornissen. Overmatig gebruik van supplementen is een veelvoorkomende oorzaak.
Supplementen en medicijninteracties
Veel mensen gebruiken calciumsupplementen wanneer de voeding onvoldoende calcium levert. Enkele belangrijke punten:
- Typen supplementen: calciumcarbonaat (goedkoop, bevat veel elementair calcium maar heeft maagzuur nodig voor opname) en calciumcitraat (betere opname bij mensen met lage maagzuurproductie).
- Neem supplementen bij voorkeur niet gelijktijdig met geneesmiddelen die door calcium kunnen worden geblokkeerd. Calcium kan de opname verminderen van medicijnen zoals bepaalde tetracyclines, fluoroquinolon-antibiotica en levothyroxine; houd meestal 2–4 uur afstand tussen inname.
- Thiazidediuretica kunnen het calciumgehalte in het bloed verhogen; overleg met een arts bij gecombineerd gebruik.
Toepassingen buiten het lichaam
Calciumverbindingen hebben veel industriële en commerciële toepassingen:
- Calciumcarbonaat wordt gebruikt als vulmiddel in papier, kunststof en verf en als antacidum in medicijnen.
- Calciumoxide (ongebluste kalk) en calciumhydroxide (gebluste kalk) worden veel gebruikt in de bouw (bij beton en cement) en in de waterzuivering.
- Calciumverbindingen komen ook voor in meststoffen, gips (CaSO4) en als grondstof in metallurgie.
Praktische adviezen
- Probeer calcium zoveel mogelijk uit gevarieerde voeding te halen. Zuivelproducten en donkergroene groenten zijn doorgaans goede keuzes.
- Zorg voor voldoende vitamine D (zon, voeding, eventueel supplement) zodat calcium goed wordt opgenomen.
- Gebruik supplementen alleen indien nodig en in overleg met een zorgverlener, vooral bij bestaande aandoeningen of bij gebruik van medicijnen.
Samengevat: calcium is een onmisbaar element voor zowel de bouw en het onderhoud van ons skelet als voor vele fysiologische processen. Een gebalanceerde voeding gecombineerd met voldoende vitamine D houdt het calciummetabolisme gezond en helpt botverlies en andere gezondheidsproblemen te voorkomen.







