Vlucht 11 van American Airlines was het eerste gekaapte vliegtuig van de aanslagen van 11 september. Het toestel stortte neer in de noordelijke toren van het World Trade Center. Het vliegtuig van American Airlines was een Boeing 767 dat zou vliegen van Logan International Airport in Boston naar Los Angeles International Airport. Aan boord waren 92 mensen: 11 bemanningsleden en 81 passagiers; vijf van hen waren de kapers. De kapers, leden van de terreurgroep Al-Qaeda, werden later geïdentificeerd met onder anderen Mohamed Atta als de piloot-hijacker.

Opstijgen en kaping

Vlucht 11 vertrok in de vroege ochtend en, volgens verslagen, drongen de kapers ongeveer vijftien minuten na het opstijgen de cockpit binnen. Een van de kapers had vliegopleiding en nam de besturing van het vliegtuig over. Tijdens de kaping hebben enkele bemanningsleden en passagiers telefonisch contact kunnen opnemen met hulpdiensten en familieleden; onder de bemanning bevond zich onder meer flight attendant Betty Ong die meldingen doorgaf over de situatie aan boord. De kapers stuurden het vliegtuig doelbewust richting Lower Manhattan.

Inslag, beelden en onmiddellijke gevolgen

Het vliegtuig vloog in de North Tower en raakte deze om 08:46 Eastern Daylight Time. De inslag vond plaats in de hogere verdiepingen van de toren (ongeveer tussen de 93e en 99e verdieping), waardoor een zeer grote brand en structurele schade ontstond. Veel mensen op straat en in omliggende gebouwen zagen de crash; een paar mensen konden het moment van inslag vastleggen op film en foto. Bekende getuigenbeelden zijn gemaakt door Jules Naudet, een Franse cameraman die een film aan het maken was, en Pavel Hlava, een Tsjechische immigrant. Ook een door Wolfgang Staehle opgestelde webcam bij een kunsttentoonstelling in Brooklyn, die elke vier seconden beelden maakte van Lower Manhattan, en een op de grond achtergelaten nieuwscamera legden de crash vast. Door de inslag en de daaropvolgende brand stortte de North Tower na 102 minuten in (omstreeks 10:28). De South Tower, die later op de ochtend werd geraakt door een tweede gekaapt toestel (American Airlines Vlucht 175), stortte eerder in, omstreeks 09:59.

Slachtoffers en nasleep

Alle 92 mensen aan boord van Flight 11 kwamen om het leven bij de crash. De aanslagen van 11 september eisten in totaal bijna 3.000 mensenlevens en lieten duizenden gewonden en langdurige psychologische en maatschappelijke gevolgen achter. De gebeurtenissen drukten een diepe stempel op de Amerikaanse en mondiale geschiedenis: ze leidden tot grootschalige reddings- en herstelacties ter plaatse, een uitgebreid onderzoek naar terreurnetwerken (waaronder het 9/11 Commission-onderzoek) en een veranderde benadering van veiligheid.

Impact op beleid en beveiliging

De aanslagen van 11 september leidden tot ingrijpende veranderingen in binnenlandse en internationale veiligheidsmaatregelen. In de Verenigde Staten werden onder meer de Transportation Security Administration (TSA) opgericht, strengere veiligheidscontroles op luchthavens ingevoerd, cockpitdeuren versterkt en regels voor passagiers- en bagagecontrole aangescherpt. Op internationaal vlak resulteerden de aanslagen in militaire acties, waaronder de invasie van Afghanistan gericht tegen Al-Qaeda en de Taliban, en in brede beleidsdiscussies over terrorismebestrijding, privacy en internationale samenwerking.

De beelden en getuigenissen van die dag — waaronder de vastgelegde opnames van de inslag van Flight 11 — blijven belangrijke bronnen voor onderzoek, herdenking en onderwijs over wat er gebeurde en over hoe samenlevingen kunnen reageren op en voorkomen wat leidde tot zulke aanslagen.