Frederik II (Duits: Friedrich II; 24 januari 1712 – 17 augustus 1786) was koning van Pruisen (1740–1786) uit de Hohenzollern-dynastie. Als keurvorst van het Heilige Roomse Rijk droeg hij de titel Frederik IV als markgraaf van Brandenburg. Hij was tevens soeverein vorst van het Prinsdom Neuchâtel. Door zijn militaire successen en zijn cultureel-politieke optreden kreeg hij al in zijn leven de bijnaam Frederik de Grote (Duits: Friedrich der Große), en hij werd later liefkozend genoemd der alte Fritz ("Oude Fritz").

Jeugd en vorming

Frederik werd in 1712 in Berlijn geboren als zoon van koning Frederik Willem I en Sophia Dorothea van Hannover. Zijn jeugd stond in schril contrast met het militaire en sobere hof van zijn vader. Waar zijn vader de nadruk legde op discipline en een grote staande macht, voelde de jonge Frederik zich aangetrokken tot literatuur, muziek (vooral de fluit) en de ideeën van de Verlichting. Hij las veel Franse en Latijnse werken en ontwikkelde zich als een begaafd fluitist en componist.

Ontsnapping, von Katte en huwelijk

De relatie met zijn vader was gespannen. In 1730 probeerde Frederik samen met zijn jeugdvriend Hans Hermann von Katte te ontsnappen naar Engeland. Het plan mislukte; beiden werden gearresteerd en von Katte werd ter dood veroordeeld. Frederik werd gedwongen om de executie bij te wonen, een traumatische gebeurtenis die zijn leven en gevoelsleven diepgaand beïnvloedde. In 1733 huwde hij met Elisabeth Christine van Brunswijk-Bevern, een gearrangeerd huwelijk dat weinig geluk bracht; het paar leefde later grotendeels gescheiden en Frederik bezocht zijn vrouw zelden, naar men zegt soms slechts één keer per jaar.

Bekendmaking als vorst en militaire carrière

Nadat hij zijn vader in 1740 opvolgde, trad Frederik snel op als energieke vorst. Kort na zijn aantreden viel hij het Habsburgse Oostenrijk aan en eiste hij Silezië op, waardoor de Silezische oorlogen begonnen. In deze conflicten en later tijdens de Zevenjarige Oorlog (1756–1763) bewees hij zich als bekwaam militair leider: zijn troepen behaalden beslissende overwinningen, onder meer bij Rossbach (1757) en Leuthen (1757), waardoor Pruisen zijn positie als grote mogendheid verstevigde en Silezië grotendeels in Pruisische handen bleef.

Buitenlands beleid en uitbreiding

Frederik voerde een actief buitenlands beleid gericht op het versterken van de Pruisische positie in Centraal-Europa. Hij speelde een hoofdrol bij de Eerste Verdeling van Polen (1772), waarin Pruisen samen met Rusland en Oostenrijk delen van het Poolse grondgebied verdeelde. Dit leverde Pruisen belangrijke gebieden op, zoals West-Pruisen, en maakte het tot een van de belangrijkste staten in Duitsland en Noord-Europa.

Hervormingen en bestuur

Op bestuurlijk vlak moderniseerde Frederik de Pruisische bureaucratie en ambtenarij. Hij voerde hervormingen door op het gebied van belastinginning, administratie en rechtspraak en streefde naar efficiënte, centraal geleide staatsinstellingen. Frederik promootte religieuze tolerantie: hij gaf vluchtelingen van verschillende geloofsovertuigingen, waaronder Hugenoten en Joden, vaak bescherming en deed pogingen om economische innovatie aan te moedigen. Tegelijk bleef hij een autocratisch vorst die de uiteindelijke macht in eigen handen hield en het leger centraal stelde in staatsbeleid.

Cultuur, filosofie en geschriften

Frederik profileerde zich als een vorst-verlichter: hij correspondeerde jarenlang met Voltaire (Voltaire) en nodigde intellectuelen en kunstenaars aan zijn hof uit. De band met Voltaire was intens maar wisselvallig; na enkele jaren ontstond er een breuk. Frederik zelf schreef ook werken, zoals het politieke traktaat Anti-Machiavel (geschreven in het Frans), en componeerde fluitmuziek en kamermuziek. Als mecenas liet hij iconische bouwwerken realiseren, waaronder het roemruchte paleis Sanssouci in Potsdam, dat een centrum van cultuur en kunst werd.

Persoonlijk leven, seksualiteit en karakter

Over zijn privésleven bestaan veel speculaties. Veel historici beschouwen hem als (mogelijk) biseksueel en wijzen op nauwe vriendschappen met mannen; anderen noemen zijn latere jaren celibatair. De traumatische ervaring rond von Katte en zijn afstandelijke huwelijk droegen bij aan zijn teruggetrokken en soms schuwe levenshouding. Tegelijkertijd stond hij bekend als geestig, erudiet en soms meedogenloos in politiek en oorlogvoering.

Nalatenschap en beoordeling

Frederiks nalatenschap is dubbelzinnig. Hij maakte van Pruisen een van de machtigste staten van Europa: strategisch, militair en administratief sterker dan voorheen. Tegelijkertijd was hij een verlicht despoot: hij bevorderde wetenschap, kunst en relatieve religieuze tolerantie, maar handhaafde een sterke institutionele macht en een groot leger. In latere eeuwen werd hij beroemd als voorbeeld van Pruisische discipline en nationale eenheid; zijn figuur werd in de 19e en 20e eeuw vaak geroemd of juist controversieel gebruikt in nationale politiek en ideologieën.

Frederik stierf op 17 augustus 1786 in Sanssouci en liet geen kinderen na; hij werd opgevolgd door zijn neef Frederik Willem II van Pruisen, zoon van prins Augustus Willem van Pruisen. Frederik werd begraven in Potsdam, bij zijn geliefde Sanssouci, en blijft een van de meest bestudeerde en besproken vorsten uit de Europese geschiedenis.