Gooien met zuur of vitriool is een vorm van geweldpleging. Soms wordt het misdrijf een zuuraanval genoemd. De aanvallers gooien zuur of andere bijtende stoffen naar hun slachtoffers. Meestal gooien ze het naar het gezicht van het doelwit. Ze willen het huidweefsel beschadigen en zelfs de botten blootleggen en oplossen. De gevolgen van deze aanvallen zijn onder meer blindheid en blijvende littekens van het gezicht en het lichaam.

In India neemt het aantal aanvallen met zuur toe. Alleen al in Karnataka (waarvan Bengaluru de hoofdstad is) zijn er sinds 1999 68 aanvallen met bijtend zuur geweest. Dit zijn alleen de gemelde gevallen. In tegenstelling tot India heeft Bangladesh sinds 2002 de doodstraf ingevoerd voor het gooien van zuur en wetten die de verkoop van zuren streng controleren. Een belangrijke rol bij de invoering van die wetgeving had de Acid Survivors Foundation.

Gooien met zuur is in de meeste landen ter wereld een misdrijf. Veel islamitische landen kennen het concept van qisas, oftewel vergeldingsrecht. Daarmee kan een slachtoffer eisen dat de aanvaller op soortgelijke wijze wordt verminkt. Zo beval een Iraanse rechtbank dat de aanvaller van een vrouw die door zo'n aanval verblind werd, ook verblind moest worden.