Teleosten zijn de dominante vissen van vandaag. Zij zijn ontstaan in het Mesozoïcum, en omvatten 20.000 levende soorten. De oudste teleostfossielen dateren uit het late Trias. Zij zijn geëvolueerd uit vissen zoals de boogvinnigen in de clade Holostei. Tijdens het Mesozoïcum en het Kaïnozoïcum diversifieerden zij. 96 % van alle bekende vissoorten zijn teleostsoorten.
Het zijn, in volgorde van evolutie, de gewervelde dieren, de vissen met kaken (Gnathostomata), de beenvissen (Osteichthyes) en de straalvinnige vissen (Actinopterygii).
Teleosts hebben een beweeglijke kaak en veranderingen in de kaakspieren. Deze veranderingen maken het voor hen mogelijk hun kaken naar buiten te stulpen. Deze aanpassing verbetert hun vermogen om snel bewegende prooien te grijpen.

