Polymorfisme in de biologie is wanneer twee of meer duidelijk verschillende fenotypes voorkomen in dezelfde populatie van een soort. Soms worden de woorden vormen of morfen gebruikt.

Polymorfisme komt veel voor in de natuur. Het meest voorkomende voorbeeld is seksuele dimorfie, die bij veel organismen voorkomt. Een ander voorbeeld is sikkelcelanemie.

Om als zodanig te worden aangemerkt, moeten de morfen tegelijkertijd dezelfde habitat bewonen en behoren tot een populatie met willekeurige paring.