Saturnus is de zesde planeet in het zonnestelsel. Het is na Jupiter de grootste planeet in het zonnestelsel. Saturnus is een van de vier gasreuzen, samen met Jupiter, Uranus en Neptunus.

Saturnus is de Engelse transliteratie van het Latijnse woord Saturnus, in de Romeinse godsdienst de god van het zaaien of zaad. De Romeinen stelden hem gelijk aan de Griekse landbouwgod Kronos. Saturnus werd genoemd naar de Romeinse god Saturnus (in de Griekse mythologie Kronos genoemd). Het symbool van Saturnus is ♄, het symbool van de sikkel van Saturnus.

Binnenin Saturnus bevindt zich waarschijnlijk een kern van ijzer-, nikkel-, silicium- en zuurstofverbindingen, omgeven door een diepe laag metaalwaterstof, vervolgens een laag vloeibare waterstof en vloeibaar helium en ten slotte een buitenste gasvormige laag.

Van Saturnus zijn 82 manen bekend. 53 zijn officieel benoemd en 29 wachten op een naam. De grootste maan is Titan, die in volume groter is dan de planeet Mercurius. Titan is de op één na grootste maan in het zonnestelsel. De grootste maan is de maan van Jupiter, Ganymedes. Er is ook een zeer groot systeem van ringen rond Saturnus. Deze ringen bestaan uit ijs met kleinere hoeveelheden stenen en stof. Sommige mensen geloven dat de ringen zijn veroorzaakt door een maaninslag of een andere gebeurtenis. Saturnus is gemiddeld ongeveer 1.433.000.000 km van de zon verwijderd. Saturnus doet er 29,6 aardse jaren over om rond de zon te draaien.


 

Basisfeiten en uiterlijk

Sleutelfiguren:

  • Equatoriale straal: ongeveer 60.268 km
  • Polstraal: ongeveer 54.364 km (Saturnus is sterk afgeplat)
  • Mass a: ~5,683 × 1026 kg
  • Gemiddelde dichtheid: ~0,687 g/cm³ (lager dan water)
  • Rotatieperiode: ongeveer 10,7 uur (differentiële rotatie: de gaslagen draaien niet overal even snel)
  • Axiale kanteling: ~26,7°, wat zorgt voor wisselende seizoenen
  • Gemiddelde temperatuur in de bovenste wolken: ongeveer −140 °C

Door de lage gemiddelde dichtheid zou Saturnus theoretisch op water kunnen drijven als er een enorm bad van water bestond. De sterke afplatting (oblateness) is het gevolg van de snelle rotatie en de gasachtige samenstelling.

Interne structuur en atmosfeer

Saturnus bestaat grotendeels uit waterstof en helium met sporen van methaan, ammoniak en andere vluchtige stoffen. De interne structuur zoals genoemd in het origineel bestaat uit:

  • Een vermoedelijke rotsachtige/ijzeren kern van zwaardere elementen.
  • Een dikke laag metallic waterstof (onder hoge druk wordt waterstof geleidend).
  • Een laag van vloeibaar waterstof en helium.
  • Een buitenste gaslaag met wolken en stormen.

De atmosfeer vertoont brede bandstructuren en stormen, vergelijkbaar met Jupiter, maar minder contrastrijk. Bekende verschijnselen zijn langlevende stormen en scherpe windsnelheden; rond de evenaar kunnen de winden bijzonder snel zijn.

Ringen: structuur, samenstelling en herkomst

Saturnus heeft het meest uitgebreide en meest opvallende ringsysteem van alle planeten in het zonnestelsel. Belangrijke kenmerken:

  • De belangrijkste ringen worden aangeduid met A, B en C (met de grote Cassini-spleet tussen A en B). Daarnaast bestaan er ringen zoals D, E, F en G.
  • De ringen bestaan hoofdzakelijk uit waterijs met allerlei groottes deeltjes, van micrometers tot meters. Er is ook een kleine fractie gesteente en stof.
  • De dikte van de ringen is zeer klein vergeleken met hun uitgestrektheid; typisch enkele tientallen meters, hoewel lokale structuren complexer kunnen zijn.
  • Er zijn smalle ringen en gaten (bijvoorbeeld de Encke-gap in de A-ring) en dynamische structuren veroorzaakt door kleine maanachtige objecten (zogenaamde propellers) en zwaartekrachtsinteracties met schaapherdersmanen (shepherd moons) zoals Prometheus en Pandora bij de F-ring.
  • De E-ring is een diffuus, wijdvertakt gebied dat grotendeels wordt gevoed door de waterpluimen van de maan Enceladus.

De leeftijd en ontstaanswijze van de ringen is onderwerp van onderzoek: sommige waarnemingen suggereren dat (delen van) de ringen relatief jong kunnen zijn (honderd miljoen jaar), terwijl andere scenario's wijzen op een meer oude oorsprong. Theorieën omvatten vernietiging van een maan door getijdenkrachten of inslag, of materiaal dat nooit is samengeklonterd tot een volle maan.

Manen en bijzondere objecten

Van Saturnus zijn — zoals in het oorspronkelijke stuk genoemd — 82 manen bekend (met variërende status van naamgeving). Belangrijke en interessante manen:

  • Titan: de grootste maan van Saturnus en groter in volume dan Mercurius. Titan heeft een dichte atmosfeer (voornamelijk stikstof) en op het oppervlak zijn meren en zeeën van vloeibare methaan en ethaan gevonden. De Huygens-lander (onderdeel van de Cassini–Huygens-missie) landde op Titan in 2005 en leverde directe beelden en gegevens.
  • Enceladus: vertoont cryovulkanische activiteit: geisers die waterhoudende damp en ijsdeeltjes de ruimte injagen. Onder het ijskorst ligt waarschijnlijk een zoutwateroceaan — een belangrijke plek voor de astrobiologie. De E-ring wordt grotendeels door Enceladus gevoed.
  • Iapetus: opvallend vanwege het tweekleurige oppervlak (donkere en lichte gebieden) en een scherpe evenaarwal.
  • Andere bekende manen: Rhea, Dione, Tethys, Mimas (met grote inslaghelling die het welbekende Herschel-krater vormt), Hyperion (sponzig, onregelmatig roterend).

Verkenning door ruimtevaartuigen

Saturnus en zijn systeem zijn bezocht en bestudeerd door verschillende onbemande missies:

  • Pioneer 11 (voorbijvlucht in 1979)
  • Voyager 1 en 2 (voorbijvluchten begin jaren 1980)
  • Cassini–Huygens (aankomst 2004): de Cassini-sonde heeft jarenlang in een baan rondom Saturnus cirkelde en gedetailleerde waarnemingen van de planeet, ringen en manen gedaan. De Huygens-probe landde op Titan. Cassini ontdekte onder andere de geisers van Enceladus, gedetailleerde ringstructuren en complexe atmosferische chemie. De missie eindigde met een gecontroleerde duik in de atmosfeer van Saturnus in 2017.

Waarneming en geschiedenis

Saturnus is met het blote oog zichtbaar als een heldere, geelwitte sterpunt. Al in de oudheid kenden mensen de planeet. In de 17e eeuw keken astronomen met telescopen naar Saturnus: Galileo zag in 1610 in zijn telescoop “oortjes” of uitsteeksels, Christiaan Huygens stelde in 1655 vast dat Saturnus omgeven is door een ring, en Giovanni Domenico Cassini ontdekte in 1675 de grote scheiding in het ringsysteem die nu de Cassini-depressie heet.

Waarom Saturnus bijzonder is

Saturnus combineert spectaculaire visuele kenmerken (zijn ringen) met wetenschappelijk belangrijke ontdekkingen (zoals mogelijk bewoonbare omgevingen onder ijs op Enceladus en organische chemie op Titan). De complexiteit van het ring- en maansysteem maakt Saturnus tot een van de meest bestudeerde en fascinerende objecten in ons zonnestelsel.

Samenvattend: Saturnus is een reusachtige gasplaneet met unieke ringen, tientallen bijzondere manen en een dynamische atmosfeer. Dankzij missies zoals Cassini–Huygens weten we veel meer dan vroeger, maar er blijven belangrijke vragen open over de leeftijd van de ringen, het binnenste van de planeet en de mogelijke habitabiliteit van enkele van zijn manen.